Protocol

 

Toedienen van een subcutane injectie met heparine

 

 

Let op!

Dit is een Voorbehouden Handeling

De handeling mag alleen worden verricht door een bevoegd persoon en in opdracht van een arts.

 

Doel

Parenteraal toedienen van heparine op steriele wijze, door middel van de loodrechttechniek, onder de huid.

 

Algemene opmerkingen

De heparine wordt geleverd in een kant-en-klaar-injectiespuit.

In de meeste gevallen zal de arts aangeven waar de injectie moet worden toegediend. Indien dit niet het geval is handelt men volgens de instructies van de bijsluiter.

Plaats van injecteren kan zijn:

-                 het bovenbeen

-                 de bovenarm

-                 de buik rond de navel

-                 (hanteer zo nodig een wisselschema)

Injecteer nooit in:

-                 in de buurt van grote bloedvaten

-                 littekenweefsel

-                 plaatsen die ontstoken of pijnlijk zijn.

-                 verlamde ledematen

-                 ledematen met trombose of oedeem.

-                 plaatsen met rode of blauwe verkleuringen.

-                 een geopereerd of te opereren gebied

-                 een hematoom

-                 plaatsen die hard aanvoelen

-                 binnen een cirkel van 4 cm rond de navel

-                 binnen een omtrek van 2 cm van de vorige injectieplaats

-                 een arm of been met een infuus of shunt

-                 in arm of been waarvan lymfklieren verwijderd zijn

 

De loodrechttechniek wordt toegepast.

De verticale houding van de spuit tijdens injecteren zorgt ervoor dat de luchtbel bovenin de spuit zit. Na volledige injectie zal deze luchtbel de ruimte in de naald opvullen zodat alle werkzame stof aan de patiënt toegediend wordt.

De luchtbel zorgt ervoor dat er geen werkzame stof in de naald achterblijft. Hierdoor vindt er geen versleping van heparine plaats bij het terugtrekken van de naald uit de huid. Dit zou bloedingen kunnen helpen voorkomen.

 

Benodigdheden

-                 Dienblad

-                 Bekkentje

-                 Wattenbolletje

-                 Pleister

-                 Kant-en-klaar-injectiespuit met heparine

-                 Naaldencontainer

 

Voorbereiding

-                 Doe sieraden af

-                 Handen wassen

-                 Zorg voor privacy

-                 Vertel de cliënt het doel van de handeling en wat er gaat gebeuren, of indien deze dit niet kan begrijpen: noem de naam van de cliënt en maak duidelijk dat er iets gaat gebeuren.

Leg uit dat het inbrengen van de naald pijn kan doen alsook dat deze pijn is te verminderen door het betreffende lichaamsdeel te ontspannen.

-                 Leg alle benodigdheden binnen handbereik op een dienblad.

 

Werkwijze

-                 Kies het juiste medicijn in de kant-en klaar-injectiespuit.

-                 Controleer injectievloeistof op vervaldatum, juiste medicijn, juiste dosering, juiste concentratie en juiste naam van de cliënt. Lees altijd de bijsluiter in verband met bijzonderheden van het medicijn.

-                 Open verpakking van de spuit met naald.

-                 Verwijder de luchtbelletjes niet uit de spuit

-                 Leg in het bekkentje:

a)    Kant-en-klaar-injectiespuit met heparine

b)   pleister

c)    naaldencontainer

-                 Ga naar de cliënt.

-                 Laat de cliënt liggen .

-                 Bepaal nauwkeurig de plaats van injecteren:

-                 Bij de loodrechttechniek

-                 steek de naald loodrecht onder een hoek van 90o in de huid.

-                 Afhankelijk van het beleid wel of geen huidplooi pakken.

-                  Het is niet noodzakelijk om te controleren of men in een bloedvat zit.*

Indien men toch geen risico wil nemen (bijvoorbeeld bij cliënten met een gering vetpercentage) trekt men de zuiger iets terug om te controleren of men in een bloedvat zit.

Indien men in een bloedvat heeft aangeprikt de naald verwijderen en opnieuw beginnen.

-                 Let op de reactie van de cliënt.

-                 Verwijder de naald snel.

-                 Na de injectie, de insteekopening deppen maar niet wrijven.

-                 Doe de spuit en naald in zijn geheel in de naaldencontainer.

-                 Plak zo nodig een pleister op de insteekopening.

-                 Evalueer, indien mogelijk, de handeling met de cliënt.

-                 Breng de cliënt in de voorafgaande situatie.

-                 Ruim alles op.

-                 Handen wassen.

-                 Noteer in het dossier (of ander afgesproken plaats) dat de injectie gegeven is.

 

* Het risico dat men een bloedvat aanprikt is uiterst gering wanneer men de gebruiksaanwijzing stipt volgt.

   Daarbij is normaal gesproken de onderhuidse vetlaag van de buik voldoende dik om veilig te kunnen injecteren.

Complicaties

-                 Ontstekingen

-                 Bloedinkjes

 

Complicaties moeten altijd in het zorgdossier worden opgeschreven en aan de arts te worden gemeld.

 

Mag zelfstandig worden verricht door

Verpleegkundige                     is bevoegd

Andere zorgverleners              als men beschikt over een bekwaamheidsverklaring (afhankelijk van het beleid van de organisatie waar men werkt)

 

 

Let op:

Het is de bedoeling met dit protocol een bijdrage te leveren aan een goede,  verantwoorde en doelmatige zorg- en dienstverlening. Het protocol kan zo nodig worden aangepast aan de individuele wensen van de cliënt, echter alleen in opdracht van of met instemming van een arts.

Bij twijfel ten aanzien van de uitvoering van dit protocol raadpleegt men de direct leidinggevende.

In situaties waarin dit protocol niet voorziet, overlegt men met de opdrachtgever en/of de direct leidinggevende.

Afwijken van dit protocol kan soms noodzakelijk zijn, doch men zal afwijken van dit protocol te allen tijde moeten kunnen motiveren. Dit protocol, hoewel richtinggevend, is slechts een hulpmiddel en kan en mag nimmer de plaats innemen van het eigen denken en handelen van de zorgverlener / ondersteuner.

De zorgverlener / ondersteuner kent en neemt bij het hanteren van dit protocol zijn of haar eigen verantwoordelijkheid.

Dit protocol is niet bestemd voor particulier gebruik.

 

 

Auteur: D.Slagter, verpleegkundige

Publicatiedatum: 1 mei 2001

Laatste herziening: 07-03-2011

Disclaimer: De auteur draagt geen enkele verantwoordelijkheid ten aanzien van het gebruik van dit protocol. Raadpleeg zo nodig de arts.

 

 

Copyright © 2001 - 2012 Dick Slagter All rights Reserved.