Richtlijn

 

Omgaan met Hoofdluis

 

 

Doel

Controle op, voorkomen van verspreiding en behandeling van hoofdluis

 

Algemene opmerkingen

Het verschijnsel Hoofdluis

Hoofdluizen zijn parasieten en komen uitsluitend bij de mens voor en voeden zich enkele malen per dag met het bloed van de “gastheer“.

Ze leiden alleen tot jeuk en voor zover bekend brengen ze geen ziekten over.

 

Het herkennen van hoofdluis

Een volwassen hoofdluis is niet groter dan 2 à 4 mm. Het vrouwtje is iets groter dan het mannetje. De kleur varieert van grijs-grijsblauw-zwart-roodbruin. Het lichaam van de luis is verdeeld in een kop, borststuk en achterlijf. Aan de kop zitten voelsprieten, hierna komt het borststuk met drie paar poten hier achterzit het gesegmenteerde achterlijf. De luis kan niet springen hij kruipt.

Het luizenei, de neet, is kleiner dan 1 mm, is ovaal van vorm en is wit.

 

Voortplantingscyclus:

Het vrouwtje legt het eitje (dit noemt men neten), met een soort kleefstof, aan een haar vast en wel vlak boven de haar inplant. Ze legt 6 tot 8 eitjes per dag. Geliefkoosde plekjes zijn onder de pony, achter de oren en in de nek. Ze kunnen echter overal in de behaarde hoofdhuid voor komen (haren, wenkbrauwen en of baard). Neten zijn ongeveer 1 mm groot en grijs-wit van kleur. Neten lijken op zandkorrels.

Na zes tot negen dagen komt het eitje uit. Na twee weken zijn ook deze jonge luizen geslachtsrijp en ze blijven dit de rest van hun leven (ongeveer nog zes weken).

 

Verspreiding:

De hoofdluis verblijft op het hoofd van de gastheer, dicht bij de huid. Hij zoekt warme donkere plekjes op. De levenskansen van een luis die van zijn gastheer afraakt is gering. Meestal sterft de luis binnen 48 uur en de losgeraakte neet binnen 10 dagen.

Besmetting met de hoofdluis gebeurt door direct of indirect contact met een “drager”. Wanneer twee hoofden dicht bij elkaar komen kan de luis over lopen. Indirect gebeurt de besmetting door kleding die aan een kapstok hangt of op elkaar ligt in kleedruimten van zwembaden, sporthallen of even op elkaar over een stoel of kruk gelegd worden.

Ook het gebruik van elkaars kam, borstel, sjaal en of muts en verkleedkleren zorgen voor de verspreiding van en de besmetting met hoofdluis.

 

Het is een misvatting dat de luis voorkeur heeft voor een ongewassen hoofd c.q. haren. Persoonlijke hygiëne heeft geen invloed op de besmettingskans.

Hoofdluis gaat niet vanzelf over, behandel altijd.

Voor het hebben van neten en hoofdluis hoeft men zich niet te schamen. Ook is het niet nodig dat men er door in paniek raakt.

                                                                                   

A. Controle op hoofdluis

Voor de bestrijding van hoofdluis is regelmatige controle noodzakelijk. Des te eerder er met behandeling begonnen wordt hoe beter. Het eerste signaal van hoofdluis is vaak de jeuk, dit ontstaat door het steken van de luis wanneer deze na het bloedzuigen een beetje vocht in de huid achterlaat. Bij een eerste besmetting treedt de jeuk vaak pas na één of twee weken op.

Bij herhaling van besmetting vaak al na enkele dagen. De jeuk leidt weer tot krabben, hierdoor raakt de hoofdhuid geïrriteerd er kunnen wondjes ontstaan die weer geïnfecteerd kunnen worden.

Bij het controleren moet op de eerste plaats gelet worden op de aanwezigheid van neten.

           

B. Behandeling van Hoofdluis

Bij vermoeden van hoofdluis wordt zo snel mogelijk een arts ingeschakeld.

Wanneer levende neten en of hoofdluis geconstateerd worden, moet er zo snel mogelijk met behandeling gestart worden.

Meld de besmetting met hoofdluis ook bij school (bij schoolgaande kinderen) of activiteitencentrum (in de zorg voor verstandelijk gehandicapten)

Het preventief behandelen van mensen die (nog) geen luizen hebben heeft geen zin.

 

Benodigdheden

-                 Luizen of netenkam.

-                 Laken of wit papier.

-                 Tafelazijn.

-                 Shampoo, crème of lotion.

-                 Disposable handschoenen.

 

Er zijn bij de apotheek verschillende middelen (shampoos lotions en crèmes) verkrijgbaar. Neem contact op met de apotheek in verband met de keuze van het juiste bestrijdingsmiddel. De voorkeur gaat uit naar de lotions daar deze een sterkere werking hebben. De bijsluiters van de middelen kunnen verschillen het is daarom van belang ze altijd door te lezen.

Wassen met gewone shampoo heeft geen effect op de neet of luis.

Chloor heeft een nadelige invloed op de werking van de lotions en shampoos, dus zwemmen verminderd de doeltreffendheid van de behandeling.

 

Voorbereiding

-                 Doe sieraden af

-                 Handen wassen

-                 Zorg voor privacy

-                 Vertel de cliënt het doel van de handeling en wat er gaat gebeuren, of indien deze dit niet kan begrijpen: noem de naam van de cliënt en maak duidelijk dat er iets gaat gebeuren.

-                 Luizenkam

-                 Voorgeschreven lotion

 

Werkwijze

Bestrijding van hoofdluis kan het beste gebeuren door middel van een combinatie van een bestrijdingsmiddel en de stof- netenkam. Verschil in een plastic stofkam en de metalen netenkam (bv. de Nisska-kam) is dat met de stofkam minder goed neten verwijderd kunnen worden.

-                 Cliënt het haar (laten) wassen met gewone shampoo

-                 Spoel het haar uit met warm water

-                 Droog het haar zo goed mogelijk met een handdoek

-                 Laat de cliënt aan tafel of bij een wasbak plaatsnemen.

-                 Laat de cliënt het hoofd voorover buigen boven, bij voorkeur, een lichte ondergrond (laken, papier)

-                 Het haar moet eerst van achter naar voor uitgekamd worden, daarna van oor tot oor en tot slot van voor naar achter

-                 Zijn er neten of luizen in het haar dan vallen deze op de lichte ondergrond en kunnen daardoor eerder gezien worden.

-                 Veeg de luizenkam telkens af

-                 Na gebruik moet de luizenkam goed gereinigd worden. Zeker wanneer er meerdere mensen gecontroleerd worden dan is het nodig om een ieder met een schone kam te controleren.

-                 Stop het laken na gebruik in een gesloten plastic zak tot het gewassen kan worden.

-                 Het verdient aanbeveling dat alle personen die in contact zijn geweest met de cliënt zich zelf (laten) controleren op eventuele aanwezigheid van hoofdluis.

-                 Leg een handdoek op de schouders van de cliënt.

-                 Laat cliënt de ogen met een washandje beschermen

-                 Breng de voorgeschreven lotion volgens voorschrift aan.

-                 Beddengoed (dekbedhoezen, lakens en slopen), kleding sjaals op 60 graden wassen. Denk ook aan haarbanden, haarspelden waar een stoffen versiering op zit.

-                 Stop knuffels en zaken die niet heet gewassen kunnen worden tien dagen in een dicht geknoopte plastic zak. Ook een nacht vrieskou of in een diepvriezer is afdoende.

-                 Kammen, haarborstels grondig reinigen in heet water of met de lotion.

-                 Vloeren en meubels goed zuigen. Een stoffen bank, fauteuil, hoofdsteunen e.d. kunnen in hardnekkige gevallen ook in gespoten worden met een spray die hoofdluizen doodt. Na de vermelde inwerktijd deze opgedroogde spray opzuigen.

-                 Herhaal het gebruik van de lotion en de overige handelingen overeenkomstig de instructies die bij de lotion zijn verstrekt.

 

 

Mag zelfstandig verricht worden door

Iedereen die zich hiertoe bekwaam acht en toestemming heeft van de verantwoordelijke leidinggevende

 

Let op:

Het is de bedoeling met deze richtlijn een bijdrage te leveren aan een goede, verantwoorde en doelmatige zorg- en dienstverlening. Het kan zo nodig worden aangepast aan de individuele wensen van de cliënt. Bij twijfel ten aanzien van de uitvoering van deze richtlijn of in situaties waarin deze richtlijn niet voorziet, overlegt men met de direct leidinggevende.

Afwijken van deze richtlijn kan soms noodzakelijk zijn, doch men zal afwijken van deze richtlijn te allen tijde moeten kunnen motiveren. Deze richtlijn is slechts een hulpmiddel en kan en mag nimmer de plaats innemen van het eigen denken en handelen van de zorgverlener / ondersteuner.

De zorgverlener / ondersteuner kent en neemt bij het hanteren van deze richtlijn zijn of  haar eigen verantwoordelijkheid.

Deze richtlijn is niet bedoeld voor particulier gebruik.

 

Auteur: D.Slagter, verpleegkundige

Publicatiedatum: 1 mei 2001

Laatste herziening: 07-03-2011

Disclaimer: De auteur draagt geen enkele verantwoordelijkheid ten aanzien van het gebruik van deze richtlijn. Raadpleeg zo nodig de arts.

 

Copyright © 2001 - 2012 Dick Slagter All rights Reserved.