Richtlijn

 

Opvangen van urine voor gewassen plas

 

 

Doel

Onderzoek van urine op bacteriën.

 

Algemene opmerkingen

In verband met het beoogde onderzoek is zorgvuldig handelen van groot belang

De urine wordt bij voorkeur ’s morgens opgevangen

 

Benodigdheden

-                 Handdoek, washandjes, kom met water.

-                 Water en (niet geparfumeerde) zeep.

-                 Onderlegger (zo nodig)

-                 Schone kom / bekken.

-                 2 Schone ondersteken (po’s) of schone urinaal.

-                 Steriel urinemonsterpotje voor opvang urine.

-                 Onsteriele handschoenen.

 

Voorbereiding

-                 Handen wassen

-                 Zet de benodigdheden binnen handbereik

-                 Zorg voor privacy

-                 Leg de cliënt zo begrijpelijk mogelijk het doel van de handeling uit; wat er gaat gebeuren en dat de handeling belastend kan zijn.

 

Werkwijze

Bij vrouwen:

-                Breng de cliënt in de juiste houding (in rugligging met gespreide benen).

-                Was de genitaliën met water en zeep. (Bij irritatie géén zeep gebruiken)

-                Leg een beschermende onderlegger onder de stuit en de bovenste helft van de bovenbenen.

-                Trek handschoenen aan.

-                Laat de cliënt de benen wat optrekken en spreiden.

-                Was de uitwendige genitaliën goed met water en zeep. Doe dit van voren naar achteren opdat de genitaliën niet worden verontreinigd met faeces.

-                Verwijder de zeepresten met een schone washand en water.

-                Droog de genitaliën met een handdoek deppend na (ook hier weer van voren naar achteren).

-                Open de verpakking van de gazen en doordrenk de gazen met schoon leidingwater

-                Spreidt de labia met duim en wijsvinger en reinig met één gaasje de labia links, met het tweede gaasje de labia rechts en met het derde gaasje de urethra-opening. (elk gaasje eenmaal gebruiken en vegen van voren naar achteren)

-                Deponeer vuile gaasjes in bekkentje

-                Vraag de cliënt een klein beetje te urineren op de ondersteek en dan de urine op te houden

-                Neem een steriel urinemonsterpotje of schone ondersteek en laat de cliënt verder urineren tot voldoende urine is opgevangen in het urinemonsterpotje of de schone ondersteek voor het gevraagde onderzoek

-                Als de cliënt in de schone ondersteek heeft geplast: open het urinemonsterpotje en giet hierin de urine (de “gewassen” plas).

-                Sluit het urinemonsterpotje met de bijbehorend dekseltje af

-                Laat de cliënt verder uitplassen op de eerste ondersteek.

-                Handschoenen uittrekken

-                Voorzie het kweekpotje van de naam, de datum en eventueel geboortedatum en / of adres.

-                Breng de cliënt weer in de gewenste houding of laat deze zich weer aankleden.

-                Handen wassen.

-                Ruim de gebruikte materialen op.

-                Breng urine zo spoedig mogelijk naar het laboratorium. Urine die langer dan 1 uur staat is niet meer na te kijken. Indien de urine niet binnen een uur weggebracht kan worden, deze (alleen als dit niet anders kan) in de koelkast (vrij van etenswaren), in een goed afgesloten schoon potje, kortdurend bewaren.

-                Noteer in het dossier (of ander afgesproken plaats) dat de handeling is verricht en dat de urine naar het laboratorium is gebracht.

 

Bij mannen:

-                Breng de cliënt eventueel in de juiste houding (in rugligging met gespreide benen).

-                Leg een beschermende onderlegger onder de stuit en de bovenste helft van de bovenbenen.

-                Was de genitaliën met water en zeep. (Bij irritatie géén zeep gebruiken)

-                Trek handschoenen aan.

-                Schuif de voorhuid terug en was de glans penis met water en zeep.

-                Verwijder de zeepresten met een schone washand en water.

-                Droog de genitaliën met een handdoek en zorg er voor dat de voorhuid weer over de glans wordt geschoven om stuwing (Spaanse kraag of parafimosis) te voorkomen.

-                Vraag de cliënt een klein beetje te urineren in de urinaal en dan de urine op te houden

-                Neem een steriel urinemonsterpotje of schone ondersteek en laat de cliënt verder urineren tot voldoende urine is opgevangen in het urinemonsterpotje of de schone ondersteek voor het gevraagde onderzoek

-                Laat de cliënt verder uitplassen op de eerste ondersteek.

-                Als de cliënt in de schone ondersteek heeft geplast: open het urinemonsterpotje en giet hierin de urine (de “gewassen” plas).

-                Sluit het urinemonsterpotje met de bijbehorend dekseltje af

-                Handschoenen uittrekken

-                Voorzie het kweekpotje van de naam, de datum en eventueel geboortedatum en / of adres.

-                Breng de cliënt weer in de gewenste houding of laat deze zich weer aankleden.

-                Handen wassen.

-                Ruim de gebruikte materialen op.

-                Breng urine zo spoedig mogelijk naar het laboratorium. Urine die langer dan 1 uur staat is niet meer na te kijken. Indien de urine niet binnen een uur weggebracht kan worden, deze (alleen als dit niet anders kan) in de koelkast (vrij van etenswaren), in een goed afgesloten schoon potje, kortdurend bewaren.

-                Noteer in het dossier (of ander afgesproken plaats) dat de handeling is verricht en dat de urine naar het laboratorium is gebracht.

 

Mag zelfstandig worden verricht door:

Iedereen die zich hiertoe bekwaam acht en toestemming heeft van de verantwoordelijke leidinggevende

 

Let op:

Het is de bedoeling met deze richtlijn een bijdrage te leveren aan een goede, verantwoorde en doelmatige zorg- en dienstverlening. Het kan zo nodig worden aangepast aan de individuele wensen van de cliënt. Bij twijfel ten aanzien van de uitvoering van deze richtlijn of in situaties waarin deze richtlijn niet voorziet, overlegt men met de direct leidinggevende.

Afwijken van deze richtlijn kan soms noodzakelijk zijn, doch men zal afwijken van deze richtlijn te allen tijde moeten kunnen motiveren. Deze richtlijn is slechts een hulpmiddel en kan en mag nimmer de plaats innemen van het eigen denken en handelen van de zorgverlener / ondersteuner.

De zorgverlener / ondersteuner kent en neemt bij het hanteren van deze richtlijn zijn of  haar eigen verantwoordelijkheid.

Deze richtlijn is niet bedoeld voor particulier gebruik.

 

Auteur: D.Slagter, verpleegkundige

Publicatiedatum: 1 mei 2001

Laatste herziening: 07-03-2011

Disclaimer: De auteur draagt geen enkele verantwoordelijkheid ten aanzien van het gebruik van deze richtlijn. Raadpleeg zo nodig de arts.

 

Copyright © 2001 - 2012 Dick Slagter All rights Reserved.